Le Comité Lonchamp-Messidor participe à l'élaboration de ce plan


Voir également en rubrique "Documents": Notre Comité s'implique....

(www.brusselnieuws.be 28/10/2009)

Smob: 'Fijnmaziger vervoersnet nodig'

Brussel - De metrovisie van de MIVB voldoet niet. Dat zegt Smob (voluit Sus­tainable Mobility in Brussels), een platform van mobiliteits- en milieuverenigingen. In de plaats stellen ze Cityvision voor, een nieuwe manier om met minder middelen een beter presterend metro- en tramnet uit te bouwen.

Cityvision is een denkoefening van drie specialisten: Luc Lebrun, mobiliteitsexpert en oud-directeur bij de federale overheidsdienst Mobiliteit, Vincent Carton, burgerlijk ingenieur en stedenbouwkundige, en Michel Hubert, doctor in de sociologie en hoogleraar aan Saint-Louis. Ze hebben de steun van het platform Smob, dat gevormd wordt door onder andere Bral (Brusselse Raad voor het Leefmilieu), TreinTramBus, de Fietsersbond en Inter-Environnement Bruxelles.

Het basisidee van Smob: de metro­visie van de MIVB is niet meer van deze tijd. “Metrovisie, dat is een hiërarchische manier om het openbaar vervoer te plannen,” zegt Hubert. “Het betekent: zoveel mogelijk in metro investeren en de hiaten opvullen met trams en bussen. Het is ook het systeem van de vele overstappen en de commerciële snelheid . Een systeem dat veel kost, maar steeds minder performant wordt.”

“Een gemiddelde rit die iemand met het openbaar vervoer aflegt in Brussel, bedraagt nauwelijks 4,5 kilometer. In dertien procent van de gevallen gaat dat rechtstreeks; in maar liefst 72 procent van de gevallen moet de reiziger overstappen. Op zich hebben we niets tegen overstappen, maar voor gemiddeld 4,5 kilometer is dat toch wat raar. Bovendien verliest de reiziger tijd met wachten,” zegt Hubert.

De huidige metro functioneert dan misschien wel behoorlijk op het vlak van commerciële snelheid, stellen de auteurs van Cityvision, tegelijk bereikt de metro maar twintig procent van de stadsbewoners. “Dat maakt het duur. Bovendien is het al meer dan veertig jaar wachten op nieuwe lijnen, die dan nog duur uitvallen. Wij hebben andere voorstellen.”

Light en semi
Het alternatief van de drie rust op drie pijlers: een light metro , een semimetro en gewone tramlijnen.

Een light metro is een metro die bepaalde trajecten onder de grond rijdt, maar die evengoed op een normale trambedding kan rijden. “Op die manier kunnen we de totale ondergrondse infrastructuur optimaal benutten,” weet Luc Lebrun. “Om dit te realiseren zijn er slechts lichte aanpassingen nodig, en het zou makkelijk kunnen resulteren in een tijdswinst van een kwartier.” Het voorstel van de drie tekent lijnen uit die vooral van de periferie naar het stadscentrum rijden. Zo zou een lichte metro van Sint-Agatha-Berchem in Simonis ondergronds kunnen gaan, zodat overstappen niet nodig is.

Een semimetro is dan weer vrijwel dezelfde formule als de huidige premetro. Lebrun: “ Premetro is een politieke naam in Brussel, die op een voorlopige fase duidt. Normaal gezien zouden de Brusselse premetro’s op termijn vervangen worden door een volwaardige metro. Alleen: wanneer? We stellen voor om die ondergrondse tramlijnen gewoon te behouden en een volwaardig statuut te geven. Een lijn zoals de huidige tram 3 vertrekt dan in Ukkel en rijdt zo over Albert naar de noord-zuidas in Brussel-centrum. Het blijven trams die op
een bepaald ogenblik ondergronds rijden, alleen krijgen ze de naam semi­metro .”

De gewone metro blijft bestaan, maar wordt beperkt tot twee lijnen. Naast deze twee metrolijnen stelt Cityvision vier lichte metrolijnen voor, zes semimetrolijnen en elf tramlijnen. Deze 23 lijnen zijn volgens de uitvinders fijnmaziger en sneller.

Met een flinke dosis politieke vooruitstrevendheid en een snuifje voluntarisme kan het plan binnen de tien jaar gerealiseerd worden, menen ze. De investering zou zeshonderd miljoen euro bedragen. “Voor dat bedrag leggen wij 55 kilometer nieuwe sporen, en de MIVB nauwelijk tien kilometer nieuwe metrolijn.” Bussen kunnen dan nog ingezet worden op plaatsen waar het aanbod ontoereikend is.

Het plan is voorgesteld aan Brigitte Grouwels, Brussels minister van Mobiliteit (CD&V). Volgens haar woordvoerder “wordt het bestudeerd en zullen wij binnenkort contact opnemen met de opstellers.” Het kabinet wenst nog te benadrukken dat dergelijke constructieve voorstellen altijd welkom zijn.

:: Cityvision is te raadplegen op www.bralvzw.be

Christophe Degreef © Brussel Deze Week